< terug

Ur-bains Collectief stedelijk baden

Ur-bains
Collectief stedelijk baden

Publieke badhuizen vormden ooit een essentieel onderdeel van de stedelijke infrastructuur, niet alleen als plekken voor hygiëne, maar ook als ontmoetingsplaatsen. Afhankelijk van het type badhuis bestonden ze vaak uit douches, badkuipen, zwembaden, stoomkamers en sauna’s – waarbij sommige gericht waren op ontspanning en wellness, terwijl andere vooral dienden voor lichaamsverzorging. Met de opkomst van de privébadkamer verdwenen deze voorzieningen geleidelijk uit het stadsbeeld. Hun verdwijning weerspiegelt een bredere maatschappelijke verschuiving, waarin gedeeld gebruik plaatsmaakte voor privatisering.

In een tijd van stedelijke verdichting en ecologische uitdagingen wordt het opnieuw nadenken over gedeelde infrastructuur relevanter dan ooit. Wat als we de badruimte opnieuw collectief organiseren? Voor wie zou dat vandaag betekenisvol kunnen zijn en welke nieuwe manieren van wonen en samenleven kunnen daaruit ontstaan?

Het onderzoek vertrekt vanuit de historische badcultuur in Wenen en breidt zich uit naar een bredere stedelijke en maatschappelijke context. Op basis van historische referenties en planmatig onderzoek wordt een theoretisch kader opgebouwd voor een hedendaagse herinterpretatie van het badhuis — niet als nostalgisch residu, maar als speculatief denkmodel dat vertrekt vanuit een radicaal uitgangspunt. Wat als we de individuele badkamer schrappen en het badhuis opnieuw centraal organiseren als gedeelde infrastructuur?

Het ontwerpvoorstel onderzoekt hoe dit denkmodel ruimtelijk vertaald kan worden binnen een bestaande stedelijke context dat rekening houdt met de huidige noden. Zo wordt verkend hoe het badhuis en water opnieuw een plek van ontmoeting kunnen vormen — niet alleen als functionele voorziening, maar als onderdeel van een manier van samenleven in de stad.

Alice Vanhulst, Incipient Raum 2025
For the full Catalogue Raisonnée see here or on LIMO